Home Recensie

Recensie

Recensie 2009

Marco Kunst
Filosoof, auteur en beeldend kunstenaar

Grensverkenningen
Het beeldend werk van Carien Engelhard

Scherpe lijnen schieten vrijelijk alle kanten uit. Schichten haast, vrolijk losbrekend uit het vlak. De tussenruimtes even belangrijk als de lijnen zelf. Lijn en ruimte hebben elkaar nodig.
Diep zwart, vele grijzen, zuiver wit: licht en donker die samen diepte, volume en leven geven. Hier en daar duikt kleur op – voornamelijk aardkleuren, maar ook een helder blauw. De sfeer verandert, accenten verschuiven, de scherpte blijft.
Complexe structuren en organische patronen. Ze herinneren evenzeer aan het hele kleine als aan het grote: haarvaten, bladnerven, bosranden en rivierdelta’s. Grillige vormen op de rand van de chaos.

Het beeldend werk van Carien Engelhard vindt zijn beginpunt in het schetsen van bescheiden onderwerpen: een kluit wortels, een verdroogd blad, de schaduw van een tak. In haar beelden, keramiek, tekeningen en papiersnedes onderzoekt ze de grenzen waarmee die onderwerpen en haar eigen schetsen haar confronteren. Niet formeel, maar intuïtief, nieuwsgierig en verwonderd.
Lijn en vlak, zwart en wit, plat vlak en ruimte: dat zijn de drie belangrijkste grensgebieden die Engelhard verkent. Vanuit expressieve lijnen schept ze spannende vormen. Het zwart en het wit krijgen levendigheid door de grijstinten die hen verbinden – of door die ene contrasterende kleur die ze toevoegt. En wat betreft het platte vlak en de ruimte: de beelden van Engelhard zijn in veel gevallen verwant aan reliëfs, terwijl haar tekeningen juist evolueren tot driedimensionale objecten.
Een vierde grens in dit werk is die tussen orde en chaos – een grens die we al zagen in Engelhards onderwerpskeuze. Ze begint klassiek, met een schets op papier, maar ontsnapt aan het platte vlak door haar tekeningen om te werken tot papiersnedes: ze snijdt de lege ruimtes uit haar tekeningen nauwkeurig weg, waarna ze de tekening met spelden opprikt, op enige afstand van de drager, waardoor fysieke diepte ontstaat. Naast de diepte die al in de tekening zat dringt het licht door de gaten, de tekening werpt spannende schaduwen, schept ruimte en een nieuwe speelsheid.

Andere tekeningen die Engelhard maakt, vormen de aanleiding tot sculpturen. Zo leidden haar schetsen van een groot blad, gevonden in het oerwoud in Suriname, uiteindelijk tot robuuste beelden van keramiek, in aardkleuren gepigmenteerd, waar toch steeds weer het platte vlak in terugkeert: de in drie dimensies gebogen en omgekrulde vorm van het oorspronkelijk dunne, haast tweedimensionale blad.

Er is altijd iemand nodig om betekenis te hechten aan de waarneming. Engelhard gaat die uitdaging aan. Ze ziet schoonheid en ontroering in de meest vluchtige vormen en patronen. Uit de oneindigheid aan verschijnselen licht ze er enkele waarmee ze aan het werk gaat. Die ene bundel plantenwortels, die vluchtige aanblik van een bosrand, dat ene blad, is het waard om keer op keer geschetst te worden, aandacht te krijgen. Want ze weet dat we alleen als we openstaan voor het onbekende, keer op keer verrast kunnen worden. Alleen dan blijft onze blik open, en alleen een open blik is in staat schoonheid te zien en ontroerd te raken door een grillige lijn.